Klein meisje

klein meisje wil zo graag buiten spelen
schrijft een briefje aan de lente koningin
slaap je nog je winterslaap
is je mooiste jurkje niet gestreken
ben je vergeten hoe je ons kunt verwennen 
of zijn je bloswangen niet opgewarmd
ik ben die regenbuien toch zo beu
zal ik mijn liefste liedje voor je zingen 
wie weet kan ik dan in april 
op blote voeten huppelen in het gras
                  
           ©  Merel
Advertenties

Rouwparels

Wat woordjes voor de slachtoffers van de vliegtuigramp

ik kom woorden tegen
versteend in het niet begrijpen
weten ze niet wat zeggen
ze huiveren verbrijzelende zinnen
zien hoe uit de hemel
tranen naar beneden storten
en als een rivier van niet te stoppen verdriet
de wangen van de rotsen overspoelen
zelfs een Alpenbloemetje
dat lente lief de berg dacht te bevruchten
druppelt rouw parels in haar kelkblaadjes
buigt het hoofd en kraakt in het niet meer kunnen
 
                © Merel

Op de glijbaan

op de glijbaan van warme woorden
dromen beelden knusjes tedere zinnen
een zoen nestelt zich gezellig 
op de schommel van het goed gevoel
ik wil je zo graag zoenen
fluistert ze stilletjes
en ze spint zich heel zachtjes 
tussen de regels van een dicht
 
        © Merel
        
 
 
 

Kom zeg je

kom zeg je 
we gaan de lente zoeken 
en lopen hand in hand tot aan de horizon 
we fluisteren lieve woordjes 
wikkelen ze in een zacht briesje
mijmeren bloesem dromen
dat als een stil verlangen naar beneden dwarrelt
 
              ©. Merel
 
 
 

Een glimlach

er zit een glimlach op een bankje in de zon
met in haar armen een vleugje weemoed
ze luistert heel stilletjes naar dat wat niet meer is
wiegt een schouderklopje in het hoopvol verder gaan
wijst naar het kleine in haar onderweg
hoe iets dat ze gisteren niet zag
haar plots heel zachtjes verwarmt
 
                  ©  Merel