In haar buik

in haar buik liefkoost ze de herfst
ze hoopt dat hij begripvol is

of hij splinters in de nacht omarmt
het kussen van gesmolten tranen
belicht met warme kleuren

naast het bed van gekraakte takken
hoor je het bonken van de twijfel
trekt het meisje morgen haar nieuwe jurkje aan

         ©  Merel

Hoe mooi

hoe mooi de ochtend zich openvouwt
in het wolkenweefsel pas ontwaakt

een meisje zeepbellen blaast
uit de boezem van haar dageraad

alsof ze opnieuw geboren wordt
voorbij de treurwilg van haar jurkje

ze kijkt met open ogen naar die ene vrouw
haar stille getuige van dat wat ooit was

             ©  Merel

Vandaag

vandaag krast het missen diepe groeven
je naam zo lang reeds verstrengeld in de hare 

ze draagt je in de balsem van haar pijn
haar tranen stromen verkleumd in de tuin van stilte

               ©  Merel

Het voelde

het voelde als een wit licht in je hoofd
toen de hemel je omarmde
in een zee van druppels nooit geproefd

schommelend in het beleven zo zwanger
trillend op je benen
alsof de tijd even stil bleef staan

        ©  Merel

Ooit

ooit was er een porseleinen kind
met vlechtjes veel te strak gespannen
in de buikpijn van haar meisjes zijn

ze kneep haar ogen dicht
wat als ze vluchtte
steeds verder weg van de beklemming

struikelde met open blik
versteend in het stokstijf blijven staan

ze raapte later op
ooit als ze groot zou zijn
wie weet misschien 

        © Merel