Porseleinen kind

je beeft een porseleinen kind
met lippen die monddood stenigen
tot de waarheid
als steengruis
in het achterhoofd mag sterven

en blikken
scheuren verdrongen beelden stuk
als voedsel voor losgelaten kraaien
die zich vergapen aan de uitgemergelde ziel
en de prooi
ontdaan van alle schoonheid
niet echt lusten

er kronkelen vleugels voor je voeten
gekraakt tot in het diepste van hun veren
je wiegt ze in je schoot
en vraagt de vrouw
waarom het touw van stofferige gedachten
nog steeds zo pijnlijk knelt

            ©  Merel

 

Advertenties

Licht smekend kind

en met het aangespoeld verhaal
opent zich een zee van woorden
met in zijn kielzog
rouwige klanken
van een licht smekend kind

waarom verduistering de maan dompelt
in zwarte tranen
en sterren
uitgedoofd
sterven aan het firmament

en aan de horizon
vraagt een visser zich verwonderd af
waarom het sterven van een jongensdroom
bange ogen in zijn netten blikt

          ©  Merel

Je zei niets meer

je zei niets meer
er nevelde alleen een stilte
van ingehouden adem

als een mistroostig schokgolven
van afgebeten huid
gedompeld in wat zoutzure tranen
verscheurde je februari dagen

ik zag de lucht verschrompelen
en uit de kruin van onze droomboom
sijpelde wat bloed
als een scharlaken fluistersterven
van zuurstofarme klanken

      ©  Merel

Aangespoeld verhaal

er hing wat zeewier 
in een open gescheurde mond
en aan lippen
slingerde een aangespoeld verhaal
nog twijfelend of hij bij een volgende golfslag
terug het veilig onderkomen
van het wateroppervlak zou kiezen

het stortregende schelpen
die het strand zachtaardig maakten
en los gekomen zinnen
week van binnen
kropen uit het zand

mochten schuilen in het omhulsel
dat een beschermlaag bouwde
langsheen de kern van de pijn

           ©  Merel

In gedachten verzonken

in gedachten verzonken
wandel je voorbij die ene boom
je hebt je ogen in je zak gestopt
gevoelens stevig ingepakt
met een bumper in je handen
vang je schokgolven op
en woorden
die hartverscheurend aan de takken hangen
komen naar je toe gelopen

of iets je nog weet te raken
zoals de adem van de wind
en het zucht deinen
dat in bladeren huilt
alsof hun nerven
het afscheid niet los kan laten

er briest verlangen rondom jou
met warme bloesems
die als teder minnen
vlinder vleugelend liefde herstellen

of je ontvankelijk
je ik wil openen
er popelt hartstocht
dat wil groeien in je schoot

      ©  Merel

Het waaide herinneringen

het waaide herinneringen
die als pas ontloken bloesems
door mijn gedachten briesten
en beelden
nog niet verteerd
huppelden 
als uitgelaten kinderen uit mijn maag

ik zocht beschutting dicht bij je schoot
luisterde naar je buik
had je me vroeger niet verteld
hoe groeiwoorden
als minbloemen geduldig wachtten
om ooit vuurspuwend
als liefdesvonken
binnen in je te kriebelen

je trok verbaasde blikken uit de grond
ik zag hoe takken wenkbrauw fronsend zwegen
raapte misvormde mijmeringen op
en het leek alsof de laatste sintel
opgevangen tranen troostten

             ©  Merel

Ik vraag me af

ik vraag me af
waarom tederheid
in de schommelstoel van  geschaafde huid
slaapdronken de ogen sluit

kwetsbaarheid het kanaal prikkelt
hartsvocht nog even omkijkt
en als een verloren kind
hulpeloos
niet weet welke levensdraad te weven

er hangt onrust in de lucht
en aan de geschonden lijn
wapperen liefdesvogels
wanhopig heen en weer

                 ©  Merel