Stergefonkel

er zomert een stergefonkel
in het blik gezicht van lichtdromen
als transparante beelden
die bewegen in de naden van je kamer

ze is de adem van het vruchtbeginsel
ooit gebotteld in de poëziehonger van de nacht
openhartig
als de vrouw die in je mijmergangen wandelt

slaap mooi
fluistert ze met stille stem
vannacht week ik je lagen los 
morgen glimlachen we hand in hand 
in het naakte van de dag  

        ©  Merel

Advertenties

Je nacht

ik heb je nacht gevraagd heel lief te zijn
je kussen zachtjes op te schudden
en je slaap lieflijk te verwarmen

ik heb de maansikkel op je nachtkastje gezet
zodat een lichtje voor je schijnt
en je niet echt alleen bent in het donker

ik heb een slaapwel voor jou gefluisterd
je zorgen teder ingestopt
en sterke vleugels naast je bed gelegd

             © Merel

Ik zag hoe een meeuw

ik zag hoe een meeuw 
naar die ene wolk vloog 
het kind met haar satijnen vleugels
zich in de zijne nestelde

vertel me nog eens
vroeg het kleine meisje
hoe groot de zee wel is

en is het waar dat het water
smaakt naar de zoute tranen
die ze ooit eens voor me schreiden

en de kinderen die pootje baden
zandkastelen bouwen
een duin
en zo maar luisteren naar de golven

als je nog eens komt
breng je dan een zandkorrel voor me mee
laat je me proeven van de zee

ik moest eens gaan ver weg naar hier
en heb het nooit
neen nooit gezien 

            ©   Merel
                

Danst er een elfje

                 Voor Petra (3-8-1979  27-4-1984)
                 dochtertje van mijn nicht
                 Voor altijd een kleutertje

danst er een elfje op de maan
met satijnen vleugels
waarin een naam voor eeuwig
als klein meisje staat geschreven

speelt er een lichtkind
verstoppertje achter het stergemijmer
of huppelt ze speels en zonder zorgen
van het ene wolkje naar het andere

en wat als de ochtend zoent
wie weet
komt ze dan glijdend langs een zonnestraal
heel even mijn horizon kleuren

klein meisje
je werd nooit vrouw

en ik
ik vraag me af

wat als het regent
ben jij het dan die huilt

         ©  Merel

Verbaasd

verbaasd kijk je naar de maan

wat je ziet
is hoe mijn dichtmantel
met gouden letters naar je zwaait

ze glimlacht je naam
en in het donker van je gedachten
komt ze binnen gewandeld

er glinstert een zonnebloem in haar blik 
zo hartverwarmend
en aan haar lippen schommelt een zoen 

ze is geduldig 
fluistert ze in je stille nacht 
je mag rusten in de hartslag van haar zinnen
en haar schootwoorden dekken je toe 
met het deken van haar liefde 

           ©  Merel