Prille bloesemblaadjes

ze droomt prille bloesemblaadjes
die stilaan open bloeien
ze zijn poreus
met veel warmte te omringen
kunnen echt geen koude vlagen aan

ze kijkt naar prille bloesemblaadjes
weet dat liefde hen staat op te wachten
en dat ze in de koude nachten
met veel vuur worden warm geblazen

in alle stilte wordt ze dat ene bloesemblaadje
kwetsbaar en gevoelig
zo bang dat de schade
bevroren littekens in haar kern zal tekenen

           ©   Merel

Woordeloos

of ik het soms voelde kriebelen
of de inspiratie naast me liep
en of woorden
zo maar aan de takken hingen
zodat ik ze kon plukken
als vruchten rijp om in te bijten

ik zag boomgaarden die stilaan ontwaakten
nog even en ze bekenden kleur
anderen hadden prille bloesems
die weldra open bloeiden

ik zag de horizon
met een kerkje boven op een heuveltop
ik zag een glooiend landschap
dat adembenemend tot me sprak
en modderige paden
die vertelden hoe nat de regen was

ik zag achter mij een lucht zo dreigend zwart
gelukkig liep ik richting grijs met een streepje blauw
ik kreeg het zelfs warm toen de zon zich even liet zien
deed vlug mijn jas weer dicht bij het zuchten van de wind

ik had geen antwoord klaar
was voor een keer woordeloos

         ©    Merel

En wat

en wat nu tederheid
nieuwe bloesems vlindert
hunkert naar de beelden
die droom zuchtend de nacht bevruchten

ze verandert in een vrouw
van rusteloos verlangen
met zilte letters schrijft ze woorden
in een zee van tedere tinten

       ©  Merel

Ooit

ooit ontmoet ze een elfje
eentje met gouden vleugels
het vliegt gemoedelijk in haar tuin
strooit gevoelens in het rond
en zij
ze weet ze op te  rapen
warme zinnen die liefde kleuren
in een wereld zonder woorden

ooit worden klanken hartverwarmend
regenbogen schitteren  zonnelichte tinten
in het dauwgroene gras ontwaakt een gele narcis
werpt verliefde blikken naar een slapend witte bloem
een gordijn van wolken rekt zich behaaglijk uit
grijze tinten maken plaats voor hemelsblauwe mijmeringen

ik heb je lief bloost appel rode wangen

          ©    Merel